Het vreemde Ierse sprookje van ‘Goede Tijden Slechte Tijden’

Gisteren was het dan zover: de jubileumuitzending van GTST met een dubbele aflevering die zich afspeelt in Noord-Ierland. Dat gaf hoop. Maar in een landschap vol historie, oude monumenten, indrukwekkende landhuizen en fantastische vergezichten, trok GTST een merkwaardig spoor. De verhaallijn van Nederlands 25-jarige soap der soaps bestond uit bij elkaar geharkte sprookjes die voor het merendeel niet uit Ierland kwamen. Logisch, toch?

GTST in Ierland
‘Goede Tijden Slechte Tijden’ in Ierland (foto: publiciteitsfoto GTST)

Ierse schapen en een fraai landhuis

Het voorproefje op de jubileumuitzending – enkele dagen eerder deze week – deed al het ergste vermoeden. Wiet en Zeger komen aan in Belfast en rijden over kronkelige wegen naar het landhuis van Zegers adellijke familie. Onderweg wordt van het landschap genoten. Al rennend door groene velden jaagt het duo schapen en lammeren op – alsof een Ierse boer daar blij mee zou zijn – om vervolgens aan te komen bij het landgoed.

In beeld komt Montalto Estate, een landgoed uit 1700 dat ten zuiden van Belfast ligt. Muziek van Enya moet de dromerige sfeer van het Georgian landhuis onderstrepen. Natuurlijk verkent Wiet al glunderend en kirrend de fraaie vertrekken met verstopte deuren en kristallen karaffen. De oude portretten aan de muur zijn – of course – die van Zegers familie.

Dan ziet Wiet vanuit het raam een torentje naast het huis staan waar ze graag naartoe wil, maar Zeger weigert. In een dialoog die qua simplisme een medaille verdient, wordt het ‘sprookje’ rondom Zeger uitgesponnen:

Zeger: “Daar mag jij niet komen.”
Wiet: “Waarom niet?”
Zeger: “Gewoon, dat is nu eenmaal zo. Dat is privé. Alleen ik mag er komen. Beloof me dat je d’r nooit naar binnen zult gaan.”
Wiet: “Hand op m’n hart, ik beloof het.”

Montalto House
Montalto House (foto: hha.org.uk)

Blauwbaard uit Meerdijk

Wie thuis is in sprookjesland, herkent hierin misschien het verhaal van Blauwbaard. Deze blauw-bebaarde edelman geeft zijn jonge vrouw toegang tot alle kamers in zijn kasteel, met uitzondering van één klein vertrek. Wanneer Blauwbaard van huis is, kan de vrouw haar nieuwsgierigheid niet bedwingen. Ze opent het vertrek en ontdekt daar tot haar schrik de lijken van haar voorgangsters. Zodra Blauwbaard erachter komt dat ze van zijn geheim afweet, wil hij haar vermoorden. Maar met behulp van haar broers weet de vrouw het noodlot te ontlopen en legt Blauwbaard zelf het loodje.

Je snapt het al. Zeger is geen lang leven beschoren in GTST. Voordat het echter zover is, bezoeken Wiet en Zeger eerst twee toeristische highlights van Noord-Ierland. Ze lopen over de wiebelende touwbrug van Carrick-a-Rede en bezoeken de zeshoekige basaltzuilen van de Giant’s Causeway. Normaal gesproken wemelt het daar van de toeristen, maar nu even niet. Tussen neus en lippen door, komt de Ierse legende van de reus Finn McCool ook nog even voorbij.

Het Ierse plaatje wordt bijna leuk, totdat het verhaal opnieuw sneuvelt door een dialoog die doet vermoeden dat er van de kijker weinig intelligentie wordt verwacht. Wijzend op een hoge klif bij de Giant’s Causeway, zegt Zeger dat zijn grootmoeder hem verteld heeft dat daar alle ‘slechteriken’ vanaf worden gegooid:

Zeger: “Wie niet deugt, moet naar beneden, heeft ze me gezegd. De slechteriken die moeten dáár vanaf.”
Wiet: “En wie zijn de slechteriken?”
Zeger: “De mensen die alles verpesten.”
Wiet: “Was dat ook een soort sprookje?”
Zeger: “Nee. Dat is echt.”

Blauwbaard
Blauwbaard (aquarel: Marcel Perez)

Naar het verboden kamertje

Iedereen met een beetje gezond verstand zou allang aan het voorhoofd van de bebaarde Zeger hebben gevoeld, maar Wiet niet. Zij laat zich door hem paaien met een ketting, een baljurk, en kaartjes voor de opera. Wanneer Zeger echter voor een boodschap naar het dorp moet – or so he says – grijpt Wiet haar kans om de verboden torenkamer te betreden. Je voelt al hoe dit gaat aflopen.

En jawel, daar verschijnt Zeger weer ten tonele. In een psychotische woedeaanval sist hij weinig eloquent tegen Wiet: “Jij bent geen prinses. Jij bent slecht. Sorry, je moet dood.” Wiet weet echter uit het torentje te vluchten waarbij ze een van haar zilveren schoentjes verliest – hello Cinderella – maar helaas, Zeger is sneller en sleurt haar mee richting de klif.

Ondertussen wordt Zegers achtergrond in Meerdijk verder ontrafeld. Hij blijkt een psychiatrische achtergrond te hebben met een obsessief geloof in… sprookjes. In een eerdere aanval van woede heeft hij blijkbaar vroeger al zijn opa van de klif gegooid, wat natuurlijk niet veel goeds belooft voor Wiet.

GTST in Ierland
Wiet en Zeger vlak voor het dramatische einde van de jubileumuitzending (foto: publiciteitsfoto GTST)

Dramatisch landschap

Het Noord-Ierse landschap wordt vervolgens ingezet om de GTST verhaallijn verder te dramatiseren. Een bezeten Zeger duwt Wiet over de Carrick-a-Rede touwbrug richting de hoge klif die uitkijkt over de Giant’s Causeway. Opnieuw is er geen toerist te bekennen, behalve Anna, de ex van Wiet die het drama hulpeloos gadeslaat vanuit een cel in Dunluce Castle waar Zeger haar heeft opgesloten. Ook Dunluce Castle is een drukbezochte toeristische hotspot, maar oké. Het is natuurlijk tievie.

Op het moment suprême wordt Wiet uit de handen van Zeger gered door haar vrienden uit Meerdijk die toevallig ook in Ierland zijn. Met het plotselinge inzicht dat hij eigenlijk zelf de ‘slechterik’ is,  gooit Zeger zichzelf tenslotte van de klif af. Eind goed al goed, precies zoals het in sprookjesland betaamt.

Natuurlijk is GTST geen BBC kostuumdrama met verfijnde dialogen en historisch besef. Je houdt geen dagelijkse soap gaande met goed ontwikkelde karakters in een geloofwaardige verhaallijn. Maar dan nog. Blauwbaard plus Assepoester met een snufje Finn McCool? Mijn Hollandse klomp is gisteren weer aardig gebroken. Doe mij maar gewoon Ierland. Dat is van zichzelf al sprookjesachtig genoeg.

© Annemarie Latour

Advertisements

One thought on “Het vreemde Ierse sprookje van ‘Goede Tijden Slechte Tijden’”

  1. In de astronomie zeggen ze dan: het heelal zit nog fantastischer in elkaar dan je je überhaupt kunt voorstellen. Oftwel: de realiteit overstijgt zelfs de fantasie. Je conclusie is maar al te waar !

    Like

Please share your comment

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s